KWEE LAPIS PANDAN (SPEKKOEK)
Een ambachtelijke Indische laagjeskoek met geurige specerijen
INGREDIËNTEN:
- 125 gr bloem (gezeefd)
- 250 gr basterdsuiker
- 250 gr boter
- 10 eieren
- 3 tl kaneel
- 2 tl gemalen kruidnagels
- 1 tl nootmuskaat
- ½ tl kardemom
BEREIDING:
- Roer de boter tot een romige massa. Voeg de suiker en de 10 eierdooiers toe en klop het geheel goed door.
- Klop in een aparte vetvrije kom de eiwitten stijf en spatel deze voorzichtig door het botermengsel.
- Spatel tot slot de gezeefde bloem door het beslag tot een glad geheel.
- Verdeel het beslag in twee gelijke helften. Meng door één helft de kaneel, kruidnagels, nootmuskaat en kardemom. Dit is het bruine beslag. De andere helft blijft het witte beslag.
- Bekleed de bodem van een springvorm met vetvrij papier en bestrijk zowel de vorm als het papier met boter.
- Giet eerst een dun laagje van het bruine beslag in de vorm, zodat de bodem net bedekt is.
- Plaats de vorm in het midden van een matig hete oven (ca. 160-170°C).
- Zodra de laag gaar is, haal je de vorm uit de oven en bestrijk je de bovenkant heel licht met een kwastje gesmolten boter.
- Giet vervolgens een laagje van het witte beslag over de gare bruine laag en zet de vorm terug in de oven tot deze ook gaar is.
- Herhaal dit proces laag voor laag, om en om, tot al het beslag op is. Zorg ervoor dat de bovenste laag een bruine laag is.
- Laat de koek na de laatste laag nog even in de oven staan. Controleer met een breinaald of prikker of de koek door en door gaar is.
- Haal de koek uit de oven, keer hem om op een taartrooster en verwijder voorzichtig het papier. Laat de spekkoek volledig afkoelen.
SERVEREN:
Snijd de spekkoek in hele dunne plakjes voor de beste smaakbeleving.